CRvB 11 mei 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BW6285

Toekenning WW-uitkering berekend naar een dagloon van € 115,14. Hierbij is uitgegaan van het verdiende loon tijdens het refertejaar 1 februari 2009 tot en met 31 januari 2010. De Rb. heeft de opvatting van het Uwv onderschreven dat i.c. niet de dagloongarantie a.b.i. art. 17, lid 1 Besluit dagloonregels werknemersverzekeringen (het Besluit) van toepassing is. Raad: De Raad deelt het standpunt van appellant dat art. 17, lid 5 aanhef en onder a van het Besluit ziet op de situatie dat de werknemer werkloos is geworden in de zin van art. 16 van de WW. De tekst van dit artikellid laat geen ruimte voor een andere conclusie. De stelling van het Uwv dat dit vijfde lid, gelet op de voorheen geldende Dagloonregels IWS, ook van toepassing is op de situatie van appellant miskent dat de tekst van het vijfde lid, geheel anders dan de Dagloonregels IWS, enkel spreekt van werkloosheid en niet van "primaire werkloosheid die zou zijn ontstaan indien de werknemer niet onmiddellijk na het ontslag andere arbeid had aanvaard". De Raad acht het niet aanvaardbaar, mede gelet op de beginselen van behoorlijke regelgeving inzake duidelijkheid en begrijpelijkheid, uit hoofde van de rechtszekerheid die justitiabelen moeten kunnen ontlenen aan hetgeen als algemeen verbindend voorschrift is gepubliceerd, om een uitleg aan dit artikellid te geven die geen steun in de tekst van dit artikellid vindt. Indien de regelgever een andere bedoeling met dit artikellid heeft (gehad) is het aan hem om dit duidelijk en eenduidig in de tekst op te nemen. Het vorenstaande betekent dat de garantieregeling van art. 17, lid 1 voor appellant geldt. Het hoger beroep slaagt derhalve. Het Uwv heeft ter zitting gesteld dat het dagloon van appellant bij toepassing van het eerste lid van art. 17 van het Besluit € 164,23 zou bedragen. De Raad ziet geen redenen om hieraan te twijfelen en zal zelf voorzien in deze zaak en het dagloon op dit bedrag vast stellen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen