CRvB 6 maart 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BV7901

Tussenuitspraak. Hoogte terugvordering. Het College zal onderscheid moeten maken tussen de delen van de periode in geding die respectievelijk vallen in het boekjaar 2006 en in 2007. Voor elk van die delen zal het College moeten vaststellen tot welk netto bedrag appellant recht op bijstand zou hebben gehad naar de helft van de norm voor gehuwden. Vervolgens zal het College moeten vaststellen over welk netto bedrag appellant heeft beschikt in die deelperioden, de algemene bijstand op grond van het Bbz 2004 en de verworven inkomsten in aanmerking genomen. Voor zover appellant in één van die deelperioden netto over een hoger bedrag heeft beschikt dan de helft van de netto norm voor gehuwden, zal het College dit verschil van appellant netto kunnen terugvorderen, tot maximaal het netto bedrag van verstrekte uitkering op grond van het Bbz 2004. Het College kan immers niet meer terugvorderen over een deelperiode dan aan appellant is betaald. Het gaat hier om een netto terugvordering, omdat de uitkering op grond van het Bbz 2004 immers als lening is verstrekt.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen