CRvB 6 december 2011, ECLI:NL:CRVB:2011:BU7806

Schadevergoeding bij onrechtmatige intrekking bijstand. Materiële schade. Het verzoek van appellant om vergoeding van de door appellant opgevoerde kosten heeft betrekking op vergoeding van schade wegens vertraging in de voldoening van een geldsom. Een en ander brengt mee dat er, naast de reeds toegekende wettelijke rente, in dit geval voor zelfstandige vergoeding van vorenbedoelde kosten geen plaats is. Immateriële schade. Het is niet ondenkbaar dat bij appellant al dan niet psychisch onbehagen is ontstaan door de onrechtmatige intrekking van zijn bijstandsuitkering. Appellant er evenwel niet in is geslaagd aannemelijk te maken dat hij daar zodanig onder heeft geleden dat sprake is van geestelijk letsel dat kan worden beschouwd als een ernstige inbreuk op zijn persoonlijke levenssfeer dan wel op andere persoonlijkheidsrechten.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen