CRvB 17 november 2011, ECLI:NL:CRVB:2011:BU5627

Ontslag wegens ongeschiktheid voor haar ambt, anders dan op grond van ziels- of lichaamsgebreken. Naar het oordeel van de Raad heeft appellante moeten begrijpen dat nu zij haar eigen functie wegens het niet bezitten van de tekenbevoegdheid niet meer kon vervullen, zij ontslagen zou worden tenzij binnen de duur van het traject bij het CLO een andere functie binnen het gezagsbereik van de minister zou worden gevonden. Daar komt bij dat appellante in een gesprek op 20 november 2007 opnieuw de mogelijkheid van het volgen van een verbetertraject is geboden. In verdere besprekingen tussen partijen heeft appellante deze mogelijkheid niet aangegrepen. Met betrekking tot de stelling van appellante dat zij als herplaatser had moeten worden aangemerkt overweegt de Raad dat zij deze status niet meer krachtens door de minister gevoerd beleid kon verkrijgen omdat dit beleid zich niet verder uitstrekte dan tot 1 maart 2006.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen