CRvB 27 oktober 2011, ECLI:NL:CRVB:2011:BU2041

1) Weigering periodieke WUBO-uitkering. Ingangsdatum voorzieningen. Geen aanknopingspunten om het standpunt dat verweerder met betrekking tot de lichamelijke klachten op basis van medische adviezen heeft ingenomen, voor onjuist te houden. Geen werkbeëindiging wegens oorlogsinvaliditeit. 2) . In de brief van 22 december 2005 is appellant gewezen op het verlies van zijn WUBO-aanspraken bij vertrek uit Nederland binnen vijf jaar. De inhoud van de brief is niet meer dan een informatieve mededeling over eventuele toekomstige consequenties. Een dergelijke mededeling is geen besluit. Het bezwaar is terecht niet-ontvankelijk verklaard. 3) Weigering vergoeding huishoudelijke hulp uit te betalen. De door de broer en schoonzuster geboden huishoudelijke hulp leidt niet tot extra kosten in de zin van de WUBO. 4) Bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding termijn. 5) Het bezwaar tegen de berekeningbeschikkingis op goede gronden niet-ontvankelijk verklaard. De inhouding van de toeslag in de zin van artikel 19 Wubo is niet meer is dan een feitelijke handeling.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen