CRvB 15 maart 2011, ECLI:NL:CRVB:2011:BP8886
De geconstateerde feiten en omstandigheden waren onvoldoende om een redelijke grond voor een huisbezoek aanwezig te kunnen achten. Dit betekent dat ook ten tijde van het onaangekondigde huisbezoek geen redelijke grond aanwezig was, zodat appellante zonder gevolgen voor haar aanvraag haar medewerking aan het huisbezoek had mogen weigeren. Geen sprake van schending van de op appellante rustende medewerkingsverplichting. De rechtbank heeft dit niet onderkend. Vernietiging uitspraak. Vernietiging besluit. Nieuw besluit op bezwaar.