CRvB 2 februari 2011, ECLI:NL:CRVB:2011:BP2983

WW-uitkering blijvend geheel geweigerd omdat appellant verwijtbaar werkloos is geworden als bedoeld in artikel 24, tweede lid, aanhef en onder b, van de WW. De door appellant genoemde omstandigheden gedurende de periode voorafgaande aan het door appellant indienen van het verzoek tot ontbinding, vormen onvoldoende grond voor het oordeel dat aan de voortzetting van het dienstverband zodanige bezwaren waren verbonden, dat deze voortzetting redelijkerwijs niet van appellant kon worden gevergd. Niet gebleken van redenen op grond waarvan het niet nakomen van de verplichting om te voorkomen verwijtbaar werkloos te worden appellant niet in overwegende mate kan worden verweten.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen