CRvB 6 januari 2011, ECLI:NL:CRVB:2011:BP0348
De Svb heeft terecht besloten de aan appellant toegekende AOW-toeslag niet met een verdergaande terugwerkende kracht dan tot 1 maart 2003 te herzien naar de volledige toeslag. Het herzieningsverzoek van appellant moet aangemerkt worden als een verzoek om terug te komen van het op 17 november 1993 genomen besluit tot toekenning van een AOW toeslag. Geen nieuwe feiten of omstandigheden. Geen strijd met het gelijkheidsbeginsel. De Svb heeft terecht geconcludeerd dat appellant niet behoort tot de groep personen, die eerder in bezwaar of beroep zijn gegaan tegen de korting op hun AOW-toeslag of tegen de afwijzing van een herzieningsverzoek ter zake van die korting, aan wie de formele rechtskracht van het toekenningsbesluit niet wordt tegengeworpen. Voor zover al aangenomen kan worden dat in deze zaak sprake is van de toepassing van gemeenschapsrecht wijst de Raad erop dat in het arrest Kühne-Heitz expliciet is overwogen dat het gemeenschapsrecht in beginsel niet vereist dat een bestuursorgaan moet terugkomen van een rechtens onaantastbaar geworden besluit. Slechts als sprake is van omstandigheden als aan de orde in bedoeld arrest kan daar wel aanleiding toe bestaan. De omstandigheden in het geval van appellant kunnen niet op één lijn kunnen worden gesteld met die in voornoemd arrest, reeds niet omdat appellant niet heeft geprocedeerd tegen de toekenning van de toeslag in 1993, laat staan tot in hoogste instantie.
De uitspraak op rechtspraak.nl