CRvB 24 november 2010, ECLI:NL:CRVB:2010:BO4945

Intrekking en terugvordering TRI-uitkering op de grond dat appellante geen recht heeft op de TRI-uitkering aangezien zij aansluitend aan de intrekking van haar uitkering ingevolge de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) met ingang van 26 januari 2005 gedurende meer dan twaalf maanden een uitkering ingevolge de Werkloosheidswet (WW) en daarna een uitkering ingevolge de Ziektewet (ZW) heeft ontvangen. Appellante heeft op het op 5 juli 2007 door het Uwv ontvangen aanvraagformulier niet vermeld dat zij op dat moment een ZW-uitkering ontving. Uit de betalingsoverzichten van het Uwv blijkt dat deze uitkering toen al enige tijd wekelijks aan haar werd betaald. Zij heeft voorts in de maanden juli en augustus 2007 niet voldaan aan de op het aanvraagformulier vermelde verplichting om iedere maand een kopie van haar loonstrook en/of uitkeringsspecificatie toe te zenden aan het Uwv. Gelet op deze omstandigheden heeft appellante aan het besluit van 13 februari 2008 niet het gerechtvaardigde vertrouwen kunnen ontlenen dat aan haar terecht een TRI-uitkering was toegekend en dat er niets zou worden teruggevorderd. Geen sprake van dringende redenen. Niet is gebleken dat de terugvordering voor appellante onaanvaardbare gevolgen heeft.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen