CRvB 5 november 2010, ECLI:NL:CRVB:2010:BO3257

Afwijzing verzoek om terug te komen van het onaantastbaar geworden besluit, waarbij de WAO-uitkering is verlaagd. De Raad is van oordeel dat de constatering en diagnose in de periode van december 2005 tot en met maart 2007 van een feochromocytoom, waarvan de behandelend internist-endocrinoloog aannemelijk acht dat er over een periode van mogelijk meer dan dertien jaar sprake is van ziekteactiviteit, een nieuw feit vormt. De vraag is of het bestuursorgaan daarin aanleiding had behoren te vinden om het oorspronkelijke besluit te herzien. De Raad is van oordeel dat dat niet het geval is. Destijds zijn de psychische klachten van appellante in kaart zijn gebracht en dat met deze klachten rekening is gehouden. Dat deze klachten, naar achteraf aannemelijk is geworden, zijn veroorzaakt door het feochromocytoom, maakt de klachten en de ernst daarvan niet anders. Daarvan uitgaande kan niet worden gezegd dat het Uwv niet in redelijkheid tot zijn bestreden besluit heeft kunnen komen. De Raad kan het Uwv niet volgen in de ter zitting ingenomen stelling dat geen sprake is van een nieuw feit omdat appellante de informatie die blijkt uit de brieven van dr. A.P. van Beek uit maart 2006 had kunnen inbrengen in de procedure die heeft geleid tot de uitspraak van de Raad van 17 november 2006. Artikel 4:6, eerste lid van de Awb kent een dergelijke beperking niet.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen