CRvB 19 oktober 2010, ECLI:NL:CRVB:2010:BO1327

Intrekking bijstandsuitkering berust op goede gronden. De onderzoeksbevindingen bieden een toereikende grondslag voor de conclusie van het College dat appellant ten tijde hier van belang op geld waardeerbare werkzaamheden verrichtte. De aanwezigheid van een belanghebbende tijdens reguliere arbeidstijden op een werkplek in een bedrijf rechtvaardigt naar vaste rechtspraak van de Raad de vooronderstelling dat deze daar ook daadwerkelijk op geld waardeerbare arbeid verricht. Het kon aan appellant redelijkerwijs duidelijk zijn dat de door hem in het bedrijf verrichte werkzaamheden van belang konden zijn voor het recht op bijstand. Schending inlichtingenverplichting.

De uitspraak op rechtspraak.nl