CRvB 23 juni 2010, ECLI:NL:CRVB:2010:BN1971

Afwijzing aanvraag om toekenning van een zogenoemd hoog persoonlijk kilometerbudget. Voor een weergave van de juridische grondslag van het vervoersysteem Valys verwijst de Raad naar zijn uitspraak van 31 maart 2006 (LJN AV8198). Hij voegt daaraan toe dat Argonaut op 1 oktober 2007 het Protocol inzake de afhandeling van indicatie aanvragen hoog persoonlijk kilometerbudget Bovenregionaal Vervoer Gehandicapten (hierna: Protocol 2007) heeft vastgesteld. De beroepsgrond van betrokkene dat het niet aan haar is om aan te tonen dat zij geen begeleiding kan organiseren, maar dat Argonaut dit moet onderzoeken in het kader van een zorgvuldige voorbereiding van zijn besluiten, treft geen doel. De Raad is van oordeel dat het in het licht van de beperkte strekking van het beoordelingskader van het Valys-systeem op de weg van betrokkene zelf ligt om te zorgen voor een begeleider. De Raad verwijst hiervoor naar zijn uitspraken van 9 december 2009, LJN BK5915, en 17 november 2009, LJN BK5719. De beroepsgrond dat betrokkene niet met de trein kan reizen in verband met haar incontinentie treft evenmin doel. Volgens vaste rechtspraak van de Raad (bijvoorbeeld de uitspraak van 31 maart 2006, LJN AV8198) moet ervan worden uitgegaan dat op een substantieel aantal stations, die geografisch ook voldoende zijn gespreid, wel dergelijke sanitaire voorzieningen aanwezig zijn en tevens assistentieverlening door NS Reizigers mogelijk is. De Raad ziet niet in dat betrokkene daarvan geen gebruik zou kunnen maken. Tussen partijen is niet in geschil dat betrokkene geen gebruik kan maken van het toilet in de trein, maar daar staat tegenover dat zij de treinreis, indien nodig, kan onderbreken en dat zij gebruik kan maken van incontinentiemateriaal. De Raad is ten slotte niet gebleken van omstandigheden die ertoe leiden dat in het onderhavige geval sprake is van een zodanige bijzondere situatie dat zou moeten worden afgeweken van het te dezen in aanmerking te nemen beoordelingskader. Nu tussen partijen in geschil was of Argonaut het criterium “ook niet met gebruikmaking van hulpmiddelen of begeleiding” mocht toepassen en de Raad die vraag, blijkens hetgeen onder 4.1 is overwogen, bevestigend heeft beantwoord, behoeft de beroepsgrond van Argonaut die gericht is tegen het oordeel van de rechtbank over de rechtsgeldigheid van het Protocol 2007 geen bespreking meer. Nu Argonaut vóór en na 1 oktober 2007 de vaste gedragslijn heeft gevoerd om dat criterium toe te passen, heeft zij daarbij geen procesbelang, zodat het hoger beroep van Argonaut niet-ontvankelijk dient te worden verklaard. Het aangevoerde belang, gelegen in de gewijzigde eigen bijdrageregeling, gaat de omvang van dit geding te buiten.

De uitspraak op rechtspraak.nl