CRvB 23 juni 2010, ECLI:NL:CRVB:2010:BM9883
Afwijzing aanvraag om een overlijdensuitkering ingevolge de AOW. De Svb heeft terecht bepaald dat appellant geen recht heeft op een overlijdensuitkering als bedoeld in artikel 18, eerste lid, onder a, van de AOW, omdat er gelet op de bloedverwantschap in de eerste graad met zijn moeder, geen sprake kan zijn van het voeren van een gemeenschappelijke huishouding als bedoeld in artikel 1 van de AOW. Met betrekking tot het verzoek tot vergoeding van schade in verband met overschrijding van de redelijke termijn overweegt de Raad dat, zoals hij heeft overwogen in zijn uitspraak van 26 januari 2009 (LJN BH1009), de redelijke termijn in een procedure als deze in beginsel niet is overschreden als de procedure in haar geheel niet langer dan vier jaar in beslag heeft genomen. Vanaf de ontvangst van het bezwaarschrift van appellant op 15 november 2007 tot de datum van deze uitspraak zijn nog geen vier jaar verlopen. Van een overschrijding van de redelijke termijn is derhalve geen sprake. Het verzoek om schadevergoeding dient dan ook te worden afgewezen.
De uitspraak op rechtspraak.nl