CRvB 21 april 2010, ECLI:NL:CRVB:2010:BM4434
Geen medische noodzaak voor aangepaste autostoel. Het College heeft de aangevraagde voorziening niet geweigerd op de grond dat een aangepaste autostoel niet medisch geïndiceerd is, maar op de grond dat appellant in staat is om gebruik te maken van het CAV en dat CAV de goedkoopst adequate voorziening is. De rechtbank is daarmee buiten de omvang van het geding getreden. Uit de stukken blijkt niet dat appellant ten tijde in geding niet in staat was om met het collectief aanvullend vervoer (CAV) te reizen.
De uitspraak op rechtspraak.nl