CRvB 12 februari 2010, ECLI:NL:CRVB:2010:BL4238
Met de rechtbank stelt de Raad vast dat appellant de draagkracht van betrokkene in overeenstemming met de wettelijke bepalingen heeft vastgesteld. Anders dan de rechtbank is de Raad van oordeel dat voor vernietiging van het besluit van 1 april 2008 geen plaats is. De Raad wijst er in dit verband op dat, zoals ook in het besluit van 1 april 2008 is vermeld, de hardheidsclausule er niet toe kan leiden dat een uitzondering wordt gemaakt op een wettelijke bepaling, indien toepassing van die bepaling in overeenstemming is met de bedoeling van de wetgever en de strekking van de wet. Afwijzing van het beroep op de hardheidsclausule is naar het oordeel van de Raad voldoende zorgvuldig tot stand gekomen en tevens voldoende gemotiveerd. De door betrokkene geschetste financiële situatie en zijn stelling dat hij, mede als gevolg van zijn ziekte, de opeenstapeling van schulden ervaart als een bijzonder zware last, doet er niet aan af dat de wettelijke bepaling is toegepast in overeenstemming met de bedoeling van de wetgever en de strekking van de wet. Vernietiging uitspraak. Beroep ongegrond.
De uitspraak op rechtspraak.nl