CRvB 1 februari 2010, ECLI:NL:CRVB:2010:BL2104
Uitspraak 1: Schending inlichtingenverplichting. Gezamenlijke huishouding. Terugvordering bijstand en langdurigheidstoeslag. Uitspraak 2: Terecht heeft het College vastgesteld dat niet voldaan is aan de in artikel 36, eerste lid, onderdeel b, van de WWB neergelegde voorwaarde. Terechte afwijzing langdurigheidstoeslag. Uitspraak 3: Appellante wordt, gelet op het gezamelijk inkomen, in staat geacht zelf in de kosten te voorzien. Uitspraak 4: De Raad onderschrijft het oordeel van de rechtbank dat appellante er niet in is geslaagd aannemelijk te maken dat er sprake is van een relevante wijziging in de feiten en/of omstandigheden ten tijde van belang en maakt de daarover gemaakte overwegingen van de rechtbank tot de zijne. De Raad voegt daar in dit verband - onder verwijzing naar zijn vaste jurisprudentie - aan toe dat het, anders dan appellante heeft betoogd, niet op de weg van het College lag om in de onderhavige situatie aannemelijk te maken dat sprake was van een gezamenlijke huishouding tussen appellante en [D.E.]. Terechte afwijzing bijzondere bijstand. Uitspraak 5: Appellante wordt, gelet op het gezamelijk inkomen, in staat geacht zelf in de kosten te voorzien. Uitspraak 6: Het College heeft naar het oordeel van de Raad de beslissing tot afwijzing van de aanvraag van appellante niet met de vereiste zorgvuldigheid voorbereid en genomen. Naar het oordeel van de Raad ligt het bewijsrisico, de schending van de zorgvuldigheid in aanmerking genomen, bij het College, zodat appellante in beginsel dient te worden aangemerkt als alleenstaande ouder op de datum van de aanvraag om bijzondere bijstand. Vernietiging uitspraak. Vernietiging besluit. Nieuw besluit op bezwaar.
De uitspraak op rechtspraak.nl