CRvB 23 december 2009, ECLI:NL:CRVB:2009:BK8138

Weigering uitkering ingevolge de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (Wet WIA). De stelling van appellante dat de bezwaarverzekeringsarts ten onrechte geen rekening heeft gehouden met het protocol hartinfarct, overweegt de Raad in de lijn van zijn uitspraak van 12 augustus 2009, LJN BJ5413, dat uit de artikelen 2 en 3, tweede lid, in verbinding met artikel 3, eerste lid, aanhef en onder b, van de Regeling verzekeringsgeneeskundige protocollen arbeidsongeschiktheidswetten volgt dat dit protocol in dit geval niet van toepassing is, omdat de aanvraag van appellante om een WIA-uitkering vóór 6 maart 2006 door het Uwv is ontvangen. De rechtbank heeft met juistheid geconstateerd dat, voor zover in de rapportages waar appellante naar verwijst, melding wordt gemaakt van trillen van haar (linker)hand, dit steeds de verwoording betreft van haar eigen klachten en dit niet is gebaseerd op de observatie van een arts. Dat in verband hiermee beperkingen moeten worden aangenomen, is derhalve ook naar het oordeel van de Raad onvoldoende aannemelijk geworden. De rechtbank is terecht tot het oordeel gekomen dat appellante met de bij haar vastgestelde beperkingen voor het verrichten van arbeid in staat moet worden geacht de door het Uwv geselecteerde voorbeeldfuncties te vervullen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen