CRvB 5 juni 2003, ECLI:NL:CRVB:2003:BI4301

1) Verplaatsing. Voldoende onderbouwd dat gedaagde door zijn plaatsing in [C.] een functie opgedragen heeft gekregen die hem in verband met zijn persoonlijkheid, zijn omstandigheden en vooruitzichten, redelijkerwijs kon worden opgedragen. 2) Afwijzing aanvraag om een hogere vergoeding van reiskosten na overplaatsing. Niet het reispatroon is bepalend maar de omstandigheid dat gedaagde een met toepassing van artikel 64 van het Barp verplaatste ambtenaar is. De tegenwerping door appellant dat de hoge vergoeding fiscale consequenties met zich meebrengt kan evenmin een reden zijn om van toekenning van de hoge vergoeding te moeten afzien.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen