CRvB 13 oktober 1998, ECLI:NL:CRVB:1998:ZB7969
Voorliggende voorziening; studietoelage. Naar het oordeel van de Raad stelt de gemeente zicht terecht op het standpunt dat de via de WSF geboden mogelijkheid om een rentedragende lening af te sluiten mede ten behoeve van de kosten van het levensonderhoud van de partner kan worden aangemerkt als een voorliggende voorziening in de zin van art 1a.1 ABW. De passendheid wordt niet aan die voorziening ontnomen door het feit dat betr., nu ook het onderhoud van haar partner tot haar last komt, een aanzienlijke studieschuld opbouwt. Nu betr. voor haar partner een partnertoeslag ingevolge de WSF ontvangt, mist art 1.1 Beschikking bijstandsverlening werkloze werknemers met studerende partner toepassing. Vergelijk 97/892 ABW, dd 2-6-1998 [RSV 98/230, JABW 98/130].
De uitspraak op rechtspraak.nl