Centrale Grondkamer 19 juni 2006, ECLI:NL:CG:2006:1
artikel 5 Pachtwet, artikel 2, lid 3 Pachtnormenbesluit 1995, artikel 4, lid 1 Pachtnormenbesluit 1995 Centrale Grondkamer ziet aanleiding om eerdere zienswijze te heroverwegen. Sprake van vergroting van een pachtobject met percelen land, welke nog niet eerder tussen partijen verpacht waren geweest, dit middels een tussen partijen gesloten pachtwijzigingsovereenkomst. Onderscheid gemaakt dient te worden tussen de bepaling van de hoogst toelaatbare pachtprijs van het tussen partijen voordien reeds verpachte pachtobject en het daaraan door partijen middels de pachtwijzigingsovereenkomst toegevoegde land ten aanzien waarvan zij nog niet eerder een pachtverhouding met elkaar hadden. De hoogst toelaatbare pachtprijs van laatstgenoemd toegevoegd land moet bepaald worden met toepassing van artikel 4, eerste lid van het Pachtnormenbesluit 1995, zoals nadien gewijzigd, terwijl de hoogst toelaatbare pachtprijs van het eerder genoemde tussen partijen reeds verpachte pachtobject bepaald moet worden aan de hand van artikel 2, derde lid van het Pachtnormenbesluit 1995, zoals nadien gewijzigd. Onderzoek door deskundigen.
De uitspraak op rechtspraak.nl