CBb 12 mei 2026, ECLI:NL:CBB:2026:208
GLB. Korting van 3% voor aardappelteler en herberekenen en lager vaststellen basis- en vergroeningsbetaling voor drie landbouwers. De zaken gaan over de vraag tot welk bedrijf percelen landbouwgrond in 2020 behoorden en welk bedrijf die percelen in dat jaar in de Gecombineerde opgave had moeten opgeven. Volgens de minister behoorden de percelen tot het bedrijf van de aardappelteler die aardappels heeft geteeld op percelen van landbouwers, omdat hij volgens de minister de feitelijke beschikkingsmacht had over die percelen. Het College oordeelt dat het grootste gedeelte van de betrokken percelen tot het bedrijf van de landbouwers, en dus niet tot het bedrijf van de aardappelteler behoorden. Beroepen zijn gegrond. Het College voorziet zelf in de zaak en stelt de korting op de voor het kalenderjaar 2020 toegekende GLB-subsidies van de aardappelteler vast op 1%. De besluiten waarmee de minister de basis- en vergroeningsbetaling van de drie landbouwers heeft herberekend en lager heeft vastgesteld worden herroepen.
De uitspraak op rechtspraak.nl