CBb 9 december 2025, ECLI:NL:CBB:2025:645
Concessieverlening openbaar vervoer tram en bus, Utrecht binnen, Aanbestedingsleidraad. Volgens het College is de beoordelingscommissie deskundig. Verder is geen sprake van een irreële inschrijving. Het is de verantwoordelijkheid van de aanbestedende dienst te beoordelen of inschrijvers aan de voorwaarden voldoen, van de haalbaarheid van de inschrijving moet worden uitgegaan, pas bij gerede twijfel moet aanbestedende dienst nader onderzoek doen. De concessieverlening moet worden gemotiveerd. Dat betekent dat de eindscores bekend worden gemaakt, ook ten aanzien van de specifieke kenmerken en waarom hieraan geen hogere score is toegekend. Enige mate van subjectiviteit brengt niet direct schending van beginselen van transparantie en gelijke behandeling met zich, het moet voor inschrijver duidelijk zijn wat er van hem wordt verwacht, de inschrijvingen moeten aan de hand van een zo objectief mogelijk systeem worden beoordeeld en gunningsbeslissing inzichtelijk gemotiveerd.
De uitspraak op rechtspraak.nl