CBb 2 oktober 2025, ECLI:NL:CBB:2025:520

Wet verbod pelsdierhouderij. De onderneming heeft een vergoeding van de minister gekregen voor de schade die zij heeft geleden doordat zij, drie jaar eerder dan in 2013 bij wet was bepaald, moest stoppen met het fokken en houden van pelsdieren. Het College oordeelt dat de minister ten onrechte een kortingspercentage vanwege het normale maatschappelijke risico (NMR) op de totale vergoeding in mindering heeft gebracht. De minister heeft de twee meewerkende zoons terecht niet als ondernemer aangemerkt en voor hen terecht geen overbruggingsvergoeding voor het vinden van vervangende arbeid toegekend.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken