CBb 22 juli 2025, ECLI:NL:CBB:2025:381

Dwangsombesluit met betrekking tot cavia’s en kanaries wegens overtreding van bepalingen uit de Wet dieren en het Besluit houders van dieren. Onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de Stichting Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming (LID) en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Voer en water. Huisdierenbijsluiter over cavia’s van het Landelijk Informatiecentrum Gezelschapsdieren. Appellant heeft geen concrete feiten of omstandigheden naar voren gebracht op grond waarvan de onafhankelijkheid van de LID in deze zaak of van de districtsinspecteur van de LID die het toezichtrapport heeft opgesteld, in twijfel moet worden getrokken. Appellant heeft ook geen concrete feiten of omstandigheden naar voren gebracht die meebrengen dat de RVO namens de minister in dit geval zijn bezwaar niet op objectieve wijze heeft beoordeeld. De minister heeft op basis van de bevindingen in het toezichtrapport terecht vastgesteld dat wat betreft het aan de kanaries en cavia’s toegediende voer en water op de dag van de controle sprake was van een overtreding. Er bestond geen aanleiding voor de minister om vlak voor het opleggen van de last onder dwangsom nog een hercontrole uit te voeren naar de actuele situatie wat betreft de naleving van de bij of krachtens de Wet dieren gestelde voorschriften.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken