CBb 10 juni 2025, ECLI:NL:CBB:2025:329
Boetebesluit. Voetzoollaesies bij vleeskuikens. Het College vindt in wat appellante heeft aangevoerd over het rapport van bevindingen geen aanleiding om te twijfelen aan de juistheid ervan. Het College is van oordeel dat de minister op goede gronden heeft vastgesteld dat appellante naar aanleiding van een eerdere waarschuwing wegens een voetzoollaesiescore van meer dan 150 punten bij een koppel vleeskuikens dat afkomstig was van haar bedrijf, geen passende maatregelen heeft genomen ter verbetering van het dierenwelzijn. De toezichthouder heeft op basis van zijn deskundigheid als dierenarts vastgesteld dat sprake was van een voetzoollaesiescore van 169,5 punten en daarmee van aanwijzingen van slechte dierenwelzijnsomstandigheden. De foto’s bij het rapport vormen evenmin reden om te twijfelen aan de juistheid van het rapport. De foto’s van de tweede telling ondersteunen de bevindingen van de toezichthouder, zoals die zijn vastgelegd in het rapport. In het enkele feit dat foto’s van de eerste telling ontbreken, ziet het College geen reden voor twijfel aan de bevindingen van de toezichthouder, te meer omdat de foto’s ondersteunend bewijs zijn bij het rapport en overigens een beperkte waarde hebben. De minister heeft de boete wegens recidive terecht verhoogd met het bedrag van de eerder opgelegde boete. Het College matigt het boetebedrag ambtshalve vanwege overschrijding van de redelijke termijn.
De uitspraak op rechtspraak.nl