CBb 16 juli 2024, ECLI:NL:CBB:2024:472

De stalbrand is een bijzondere omstandigheid, waardoor de omzet in de referentieperiode lager is dan zonder die bijzondere omstandigheid het geval zou zijn geweest. De minister heeft deze bijzondere omstandigheid in het bestreden besluit niet bij zijn beoordeling betrokken. In de beroepsfase heeft de minister de stalbrand alsnog aangemerkt als een bijzondere omstandigheid en aan de hand van twee alternatieve referentieomzetten gekeken of de onderneming wel in aanmerking komt voor een subsidie. Beide alternatieven leiden niet tot een omzetverlies van ten minste 30%. De onderneming heeft andere alternatieven voorgesteld, maar het College is van oordeel dat de minister daar niet in mee hoefde te gaan. De uitkomst dat de onderneming geen subsidie krijgt, is niet in strijd met het evenredigheidsbeginsel.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken