CBb 26 maart 2024, ECLI:NL:CBB:2024:231
Verzoeken om schadevergoeding in verband met besluiten op grond van de Regeling fosfaatreductieplan 2017 en de Meststoffenwet (fosfaatrechten). Verzoekster heeft niet aannemelijk gemaakt dat zij schade heeft geleden gevolg van de aanvankelijk onjuiste vaststelling van de heffingen op grond van de Regeling fosfaatreductieplan 2017. Het oorspronkelijke besluit waarbij de minister het fosfaatrecht van verzoekster heeft vastgesteld, is herroepen. Met deze herroeping staat de onrechtmatigheid van de besluitvorming van de minister, voor zover daarbij een lager fosfaatrecht was toegekend, vast. De schade dient echter geheel voor rekening van verzoekster te blijven. Het College volgt de stelling van de minister dat het op de weg lag van verzoekster om na de servicemelding dan wel in bezwaar aan te voeren dat de melkproductie onjuist was. Over het verzoek om schadevergoeding wegens het uitgeschaarde jongvee waarvoor volgens verzoekster aan haar fosfaatrechten hadden moeten worden toegekend, overweegt het College dat artikel 8:88, eerste lid, aanhef en onder b, van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is, omdat geen onrechtmatig besluit is aan te wijzen, voorbereid met een onrechtmatige handeling.
De uitspraak op rechtspraak.nl