CBb 25 juli 2023, ECLI:NL:CBB:2023:384
Boete op grond van de Meststoffenwet, opgelegd aan een vervoerder van dierlijke meststoffen. Verwijt van de vervoerder dat de minister ontlastend bewijsmateriaal heeft achtergehouden, waardoor zij in haar verdediging is geschaad. Het College stelt vast dat is gebleken dat er geen stukken ontbreken en ziet geen aanknopingspunten voor het oordeel dat de minister in deze zaak heeft gehandeld in strijd met het lex certa-beginsel, het nulla poena-beginsel of de beginselen van equality of arms en een gelijk speelveld. Het College volgt het oordeel van de rechtbank over de overtredingen, zij het dat met betrekking tot een aantal vrachten een uitdrukkelijke overweging van de rechtbank over één van de geconstateerde overtredingen ontbreekt. De uitspraak van de rechtbank is in zoverre onvoldoende duidelijk gemotiveerd. Dat leidt echter niet tot een ander oordeel.
De uitspraak op rechtspraak.nl