CBb 18 juli 2023, ECLI:NL:CBB:2023:366
Subsidieregeling sanering varkenshouderijen (Regeling). De minister heeft de aanvraag van appellant terecht afgewezen op grond van artikel 6, eerste lid, onder a, van de Regeling. Appellant heeft zijn productiecapaciteit niet onafgebroken gebruikt in de vijf jaar voorafgaand aan zijn subsidieaanvraag. Weliswaar was sprake van dierziekte op het bedrijf maar na het einde van de dierziekte en de daarbij behorende schoonmaakwerkzaamheden, heeft appellant gedurende ruim een jaar tot aan zijn aanvraag geen varkens gehouden. Dit is geen kortdurende leegstand zoals bedoeld in de toelichting bij artikel 6, eerste lid, onder a, van de Regeling. Het beroep is ongegrond. Wel wordt de Staat veroordeeld tot betaling van schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.
De uitspraak op rechtspraak.nl