CBb 13 september 2022, ECLI:NL:CBB:2022:614

Accountantstuchtrecht. Tuchtklacht door AFM. Appellant heeft een goedkeurende controleverklaring afgegeven voor de jaarrekening van een Nederlandse holdingmaatschappij van een in een aantal andere landen opererende groep ondernemingen. AFM heeft een onderzoek uitgevoerd naar deze controle. Naar het oordeel van het College is voldoende vast komen te staan dat nog diverse werkzaamheden hebben plaatsgevonden aan het controledossier na de datum van de controleverklaring, zonder dat dit is vastgelegd én nadat de AFM het onderzoek had aangekondigd naar de wettelijke controle van de jaarrekening. Zo zijn nog diverse verzoeken gedaan aan de lokale accountantsteams om nadere informatie te verstrekken en de hierdoor verkregen informatie is alsnog in het controledossier opgenomen. Het gaat er om dat geen transparantie is betoond over na de controleverklaring verrichte werkzaamheden, waarbij ten onrechte de suggestie is gewekt dat deze reeds waren verricht en als zodanig vóór de controleverklaring waren vastgelegd in het controledossier. De ontkenningen (in een later memo) dat nog verdere vastleggingen hebben plaatsgevonden na de controleverklaring hebben de verwijtbaarheid van dit handelen nog versterkt. Fundamentele beginselen van professionaliteit, integriteit en vakbekwaamheid en zorgvuldigheid. Een tijdelijke doorhaling van de inschrijving van de accountant in de registers voor de duur van twee maanden is in dit geval passend en geboden. Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken