CBb 2 augustus 2022, ECLI:NL:CBB:2022:456
Het hoger beroep is ongegrond. Het College ziet geen aanleiding om te twijfelen aan de juistheid van het rapport van bevindingen dat van de inspectie is opgemaakt. De toezichthouder heeft zijn waarnemingen voldoende gedetailleerd beschreven. Het College komt dan ook tot het oordeel dat de waarnemingen van de toezichthouder voor juist moeten worden gehouden en dat verweerder op grond van deze waarneming de boete mocht opleggen. Uit de waarneming van de toezichthouder volgt immers dat is aangetoond dat de personen tabakswaren rookten in een ruimte die expliciet was aangeduid als een tabaksvrije ruimte en dat een werknemer werkzaam was in deze ruimte maar de tabakrokende klanten niet aansprak op het rookverbod. Dat laat onverlet dat het kennelijk wel een rookruimte was in de zin van een ruimte waarin de cannabisproducten van de coffeeshop gerookt konden worden, al dan niet met tabaksvervanger. Het ligt echter niet erg voor de hand dat tabaksvervangers die bij het maken van joints worden gebruikt, in een shag-pakje van Lucky Strike zitten. Bovendien is er de niet weersproken waarneming dat een Marlboro-sigaret werd gebroken en de tabak uit die sigaret werd gebruikt voor een joint en gerookt. Beroep op het vertrouwensbeginsel slaagt niet.
De uitspraak op rechtspraak.nl