CBb 19 juli 2022, ECLI:NL:CBB:2022:424

Het hoger beroep is ongegrond. Het College ziet geen aanleiding om te twijfelen aan de juistheid van het rapport dat van een inspectie is opgemaakt. Appellant betwist dat op basis van het rapport de boete kon worden opgelegd omdat daaruit niet blijkt dat, zoals de inspecteur in bezwaar heeft toegelicht, het ophalen van glazen uit de rookruimte is waargenomen voorafgaand aan het binnentreden. Hoewel het rapport wellicht onduidelijkheid laat bestaan over de volgtijdelijkheid van de daarin beschreven waarnemingen, staat vast dat in het rapport niet is opgenomen waar de inspecteur zich bevond toen hij het ophalen van glazen waarnam. Uit het rapport kan dus niet worden afgeleid dat de inspecteur pas na binnenkomst zou hebben gezien dat appellant glazen uit de rookruimte ophaalde. Anders dan appellant stelt, zijn het rapport en de daarop gegeven toelichting daarom niet in tegenspraak met elkaar. Verder heeft het College geen twijfels dat de inspecteur het ophalen van glazen uit de rookruimte vanaf buiten heeft kunnen waarnemen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken