CBb 28 juni 2022, ECLI:NL:CBB:2022:348

Weigering wederinvoer van een partij vlees vanuit Zuid-Korea. Vraag of verweerder terecht heeft vastgesteld dat appellanten niet hebben voldaan aan de voorwaarden voor wederinvoer. In het midden kan blijven of er ruimte is om met andere stukken dan een garantie van de bevoegde autoriteit te onderbouwen dat in het derde land is voldaan aan de voorwaarden inzake opslag en vervoer van de producten en dat de betrokken producten geen bewerking hebben ondergaan, nu de door appellanten overgelegde stukken niet voorzien in een dergelijke onderbouwing. Geen strijd met het recht van de Unie, maar wel met artikel 4:9 van de Awb door appellanten niet de keuze voor te leggen om mondeling of schriftelijk hun zienswijze naar voren te brengen.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken