CBb 2 november 2021, ECLI:NL:CBB:2021:971
Accountantstuchtrecht. Klacht ingediend door het OM m.b.t. het indienen van onjuiste aangiften omzetbelasting en loonheffingen en het oprichten van een vennootschap t.b.v. zijn cliënt. Afwijzing verzoek van gemachtigde om het onderzoek ter zitting te schorsen en de behandeling van de zaak aan te houden. De grief gericht tegen klachtonderdelen over het indienen van onjuiste aangiften slaagt niet. De grief dat het oprichten van een vennootschap t.b.v. het veiligstellen van een uitkering voor zijn cliënt niet kan worden aangemerkt als niet integer handelen slaagt weliswaar, maar leidt niet tot een ander oordeel, omdat het kan worden aangemerkt als handelen in strijd met het beginsel van objectiviteit. Doorhaling van inschrijving in de registers, onder bepaling van de termijn dat hij zich gedurende 10 jaren niet opnieuw kan inschrijven, zoals de accountantskamer heeft gedaan, is in dit geval niet proportioneel. Een doorhaling waarbij de termijn wordt bepaald op 5 jaar is passend en geboden.
De uitspraak op rechtspraak.nl