CBb 1 juni 2021, ECLI:NL:CBB:2021:548

Meststoffenwet Verweerder is met het nemen van het vervangingsbesluit tegemoetgekomen aan appellante. Appellante heeft daarop het beroep ingetrokken en gelijktijdig verzocht om schadevergoeding wegens het overschrijden van de redelijke termijn en om vergoeding van de proceskosten in beroep. Verweerder heeft tegen het schadevergoedingsverzoek verweer gevoerd. Het College is met verweerder van oordeel dat ervan uit moet worden gegaan dat met het bekend maken van het vervangingsbesluit een einde is gekomen aan de spanning en frustratie opleverende onzekerheid voor appellante. Dit betekent dat de – voor het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn – in aanmerking te nemen termijn is geëindigd op de datum van bekendmaking van het vervangingsbesluit. Appellante heeft wegens een termijnoverschrijding van drie maanden, toe te rekenen aan verweerder, recht op € 500,- schadevergoeding. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten van appellante en opgedragen het betaalde griffierecht te vergoeden.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken