CBb 18 september 2018, ECLI:NL:CBB:2018:497
Accountantstuchtrecht. O.a. tijdige klacht over rapport dat in eerdere tuchtklachtprocedure niet aan de orde is geweest. Ook als aan de totstandkoming ervan geen aanvullende werkzaamheden ten grondslag hebben gelegen, moet het rapport als een zelfstandige uiting van betrokkene worden beschouwd. Als zodanig is sprake van een (nieuwe) gedraging waarover een klacht kan worden ingediend. Hoewel ook dit rapport een deugdelijke grondslag ontbeert, hangt deze gedraging zodanig nauw samen met de in de uitspraak van 1 december 2015 (ECLI:NL:CBB:2015:365) vastgestelde en tuchtrechtelijk bestrafte gedraging, waarvan de in overweging 1.3 van die uitspraak genoemde brieven en rapporten de uitingsvormen zijn, dat er geen aanleiding bestaat betrokkene daarvoor opnieuw een maatregel op te leggen.
De uitspraak op rechtspraak.nl