CBb 21 december 2016, ECLI:NL:CBB:2016:413

Niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen boete opgelegd in het executieveilingenkartel. Het primaire besluit is op 7 januari 2013 bekendgemaakt overeenkomstig artikel 3:41 van de Awb door aangetekende toezending aan het adres van appellant. Dat ACM vanwege retourzending van het besluit nogmaals een poging heeft gedaan het besluit aan appellant te zenden, doet niet af aan de rechtsgeldigheid van de eerdere bekendmaking. Derhalve is de bezwaartermijn ingevolge artikel 6:8, eerste lid, van de Awb, op 8 januari 2013 aangevangen. Vast staat dat appellant pas na het verstrijken van de bezwaartermijn van zes weken bezwaar heeft gemaakt tegen het primaire besluit. Appellant heeft geen omstandigheden aannemelijk gemaakt waaruit volgt dat redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat hij in verzuim is geweest. ACM heeft het bezwaar dan ook terecht niet ontvankelijk verklaard.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen

Aangehaalde uitspraken