CBb 26 april 2012, ECLI:NL:CBB:2012:BW6727

Verweerder heeft de uitoefening van bestuursdwang zo spoedeisend geacht dat terstond bestuursdwang is toegepast en een daartoe strekkend besluit achteraf is bekend gemaakt krachtens art. 5:31 lid 2 Awb. De beroepsgrond dat verweerder de tolkkosten niet op appellante heeft mogen verhalen treft doel. Het College wijst in dit verband op de geschiedenis van de totstandkoming van art. 5:25 lid 3 Awb (Kamerstukken II 1994/1995, 23 700, nr. 5, p. 101) waaruit volgt dat in gevallen waarin geen termijn wordt gegund omdat de uitoefening van bestuursdwang spoedeisend is, de kosten van voorbereiding van bestuursdwang, ook voor zover zij zijn gemaakt na het besluit tot toepassing van bestuursdwang, voor rekening komen van het bestuursorgaan. Deze situatie doet zich hier voor.

De uitspraak op rechtspraak.nl

Aangehaalde artikelen