CBb 4 september 2003, ECLI:NL:CBB:2003:AL1832
De Pensioen- & Verzekeringskamer (hierna: PVK) heeft bij brieven van 22 januari 2003, op diezelfde dag binnengekomen bij het College, beroepen ingesteld tegen de uitspraken van de rechtbank te Rotterdam (hierna: de rechtbank) van 16 december 2002, kenmerken BC 01/2841 NIFT, BC 01/2842 NIFT en BC 01/2843 NIFT. Deze hoger beroepen zijn bij het College geregistreerd onder respectievelijk de nummers AWB 03/159, AWB 03/161 en AWB 03/160. Bij genoemde uitspraken heeft de rechtbank de beroepen van de drie in hoofde genoemde pensioenfondsen, hierna ook wel gezamenlijk aangeduid als de Furness pensioenfondsen, voor zover zij betrekking hadden op de besluiten van de PVK van 1 november 2001 gedeeltelijk niet-ontvankelijk en voor het overige gegrond verklaard en heeft de rechtbank de beroepen, voor zover die ingevolge artikel 6:19, eerste lid, Awb betrekking hadden op de besluiten van de PVK van 29 oktober 2002, gegrond verklaard. Bij brief van 21 februari 2003 heeft PVK de gronden van de hoger beroepen aangevuld.
De uitspraak op rechtspraak.nl