CBb 7 augustus 2003, ECLI:NL:CBB:2003:AJ9970
Bij besluit van 25 juni 2003 heeft verweerder verzoeksters aanvraag om een vergunning voor het verrichten van taxivervoer als bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de Wet personenvervoer 2000 (hierna: Wp 2000) afgewezen. Bij brief van 27 juni 2003 heeft verzoekster bij verweerder bezwaar gemaakt tegen het besluit van 25 juni 2003. Bij brief van 9 juli 2003 heeft verzoekster zich tot de voorzieningenrechter van het College gewend met het verzoek bij wege van voorlopige voorziening het besluit van 25 juni 2003 te schorsen en te bepalen dat verzoekster hangende bezwaar wordt behandeld als ware zij in het bezit van de door haar gewenste vergunning.
De uitspraak op rechtspraak.nl