Gerecht EU 18 januari 2005, T-93/02, ECLI:EU:T:2005:11

De uitspraak op EUR-Lex

Tekst

Zaak T‑93/02

Confédération nationale du Crédit mutuel

tegen

Commissie van de Europese Gemeenschappen

„Staatssteun – Maatregelen door Franse Republiek ten gunste van Crédit mutuel genomen – Livret bleu – Beschikking 2003/216/EG – Motiveringsplicht – Beroep tot nietigverklaring”

Arrest van het Gerecht (Tweede kamer – uitgebreid) van 18 januari 2005

Samenvatting van het arrest

1. Handelingen van de instellingen – Motivering – Verplichting – Omvang – Beschikking van Commissie inzake staatssteun – Rechterlijke toetsing

(Art. 87 EG en 253 EG)

2. Gemeenschapsrecht – Uitlegging – Handelingen van instellingen – Motivering – Inaanmerkingneming

3. Steunmaatregelen van de staten – Begrip – Afzien van belastinginkomsten door lidstaat – Afzien dat leidt tot indirecte overdracht van staatsmiddelen ten gunste van andere onderneming dan vrijgestelde belastingplichtige – Daaronder begrepen

(Art. 87, lid 1, EG)

4. Commissie – Collegialiteitsbeginsel – Draagwijdte – Motivering van beschikkingen – Wijziging na vaststelling – Onwettigheid – Gevolg – Onmogelijkheid om ontoereikende motivering te verhelpen door toelichting voor Gerecht

(Art. 253 EG)

1. De motiveringsplicht is een wezenlijk vormvoorschrift dat moet worden onderscheiden van de vraag naar de gegrondheid van de motivering, die de inhoudelijke wettigheid van de omstreden handeling betreft. De door artikel 253 EG geëiste motivering moet beantwoorden aan de aard van de betrokken handeling en moet de redenering van de instelling die de handeling heeft verricht, duidelijk en ondubbelzinnig tot uitdrukking doen komen, zodat de belanghebbenden kennis kunnen nemen van de rechtvaardigingsgronden van de genomen maatregel en de bevoegde rechter zijn toezicht kan uitoefenen. Het motiveringsvereiste moet worden beoordeeld aan de hand van de omstandigheden van het geval, waarbij met name rekening moet worden gehouden met de inhoud van de handeling, de aard van de redengeving en het belang dat de adressaten of andere personen die rechtstreeks en individueel door de handeling worden geraakt, bij een verklaring kunnen hebben. Het is niet noodzakelijk dat alle relevante gegevens feitelijk of rechtens in de motivering worden gespecificeerd, aangezien bij de vraag of de motivering van een handeling aan de eisen van artikel 253 EG voldoet, niet alleen acht moet worden geslagen op de bewoordingen ervan, doch ook op de context en op het geheel van rechtsregels die de betrokken materie beheersen.

Met betrekking tot de vraag of een beschikking toereikend is gemotiveerd met betrekking tot de identificatie van de steun waarvan de onverenigbaarheid met het Verdrag daarin wordt vastgesteld, dient dus te worden nagegaan of deze beschikking de belanghebbenden in staat stelt, kennis te nemen van de overheidsmaatregel die de Commissie als staatssteun beschouwt, en het Gerecht in staat stelt, de beoordeling van deze maatregelen te toetsen. In het kader van het onderzoek van de motivering is het daarentegen niet relevant of deze maatregelen terecht als steun zijn gekwalificeerd.

(cf. punten 67‑69)

2. Het dispositief van een handeling is onlosmakelijk verbonden met de motivering ervan, en moet, indien nodig, worden uitgelegd met inachtneming van de overwegingen die tot de vaststelling ervan hebben geleid.

(cf. punt 74)

3. Voor de vaststelling dat er sprake is van een financiële overheidsinterventie ten gunste van een onderneming, is niet vereist dat deze laatste de rechtstreeks begunstigde is. Het feit dat een lidstaat afziet van belastinginkomsten, kan immers leiden tot een indirecte overdracht van staatsmiddelen die kan worden aangemerkt als steun ten gunste van andere marktdeelnemers dan de rechtstreeks begunstigden van het belastingvoordeel.

(cf. punt 95)

4. Het dispositief en de motivering van een beschikking die volgens artikel 253 EG met redenen moet worden omkleed, vormen een ondeelbaar geheel, zodat wanneer het college van leden van de Commissie bevoegd is om deze beschikking te geven, ingevolge het collegialiteitsbeginsel alleen dit college bevoegd is om de beschikking en de motivering ervan vast te stellen, en elke wijziging van de motivering die verder gaat dan zuiver grammaticale aanpassingen of spellingcorrecties, tot zijn uitsluitende bevoegdheid behoort. Bijgevolg kan het door de gemachtigden van de Commissie voor het Gerecht gevoerde betoog de ontoereikende motivering van de bestreden beschikking niet verhelpen.

(cf. punten 124, 126)

ARREST VAN HET GERECHT (Tweede kamer – uitgebreid) 18 januari 2005(1)

„Staatssteun – Maatregelen door Franse Republiek ten gunste van Crédit mutuel genomen – Livret bleu – Beschikking 2003/216/EG – Motiveringsplicht – Beroep tot nietigverklaring”

verzoekster,

interveniënte,

tegen

verweerster,

HET GERECHT VAN EERSTE AANLEG (Tweede kamer – uitgebreid),

het navolgende

Jaar 1991 1992 1993 1994 1995 1996 1997 1998 Cumulatie

Gecentraliseerde uitstaande bedragen […] 1 –Gegevens die geheim zijn gehouden. […] […] […] […] […] […] […] -399

[Andere] BAB’s […] […] […] […] […] […] […] […] 2 592

Vrije bestemmingen […] […] […] […] […] […] […] […] -1 119

Totale marge vóór belasting 1 096 505 301 -471 -135 -87 -156 20 1 074

Jaar 1991 1992 1993 1994 1995 1996 1997 1998 Cumulatie

Bemiddelings-vergoeding 10 60 110 240 390 490 540 780 2 620

Gecentraliseerde uitstaande bedragen […] 2 –Gegevens die geheim zijn gehouden. […] […] […] […] […] […] […] -399

[Andere] BAB’s […] […] […] […] […] […] […] […] 2 592

Vrije bestemmingen […] […] […] […] […] […] […] […] -1 119

Niet-gekapitaliseerde steun 1 096 505 301 -471 -135 -87 -156 20 1 074

HET GERECHT VAN EERSTE AANLEG (Tweede kamer – uitgebreid),

Pirrung Tiili Meij

Vilaras Forwood

De griffier De president van de Tweede kamer

H. Jung J. Pirrung

Inhoud

De voorgeschiedenis van het geding

Crédit mutuel

Livret bleu

De administratieve procedure

De bestreden beschikking

De procedure en de conclusies van partijen

In rechte

Inleidende opmerkingen

De motivering van de bestreden beschikking met betrekking tot de identificatie van de steun

Argumenten van partijen

– De identificatie van de maatregel die tot toekenning van een voordeel heeft geleid

– De identificatie van de staatsmiddelen

– De kwalificatie van het Livret bleu-systeem als nieuwe steun sinds de invoering ervan in 1975

Beoordeling door het Gerecht

– Het dispositief en de „Conclusie” van de bestreden beschikking

– Toetsing aan het begrip staatssteun

– Analyse van de verstoring van de concurrentie en van de gevolgen voor het handelsverkeer

– Analyse van de staatsmiddelen

– Analyse van het concurrentievoordeel

Kosten

1 – Procestaal: Frans.

Aangehaald in