HvJ EU 11 maart 2004, C-240/02, ECLI:EU:C:2004:140
Tekst
Zaak C‑240/02
Asociación Profesional de Empresas de Reparto y Manipulado de Correspondencia (Asempre)
en
Asociación Nacional de Empresas de Externalización y Gestión de Envíos y Pequeña Paquetería
tegen
Entidad Pública Empresarial Correos y Telégrafos
en
Administración General del Estado
(verzoek van het Tribunal Supremo om een prejudiciële beslissing)
„Postdiensten – Richtlijn 97/67/EG – Diensten voorbehouden aan leveranciers van universele postdienst – Begrip zelfbezorging – Postgiro daaronder begrepen”
Samenvatting van het arrest
1. Vrij verrichten van diensten – Postdiensten in Gemeenschap – Richtlijn 97/67 – Diensten voorbehouden aan leveranciers van universele postdienst – Zelfbezorging, als omschreven in richtlijn, daarvan uitgesloten – Nationale regeling die voor zelfbezorging aanvullende voorwaarden stelt – Ontoelaatbaarheid
(Richtlijn 97/67 van het Europees Parlement en de Raad, art. 7)
2. Vrij verrichten van diensten – Postdiensten in Gemeenschap – Richtlijn 97/67 – Werkingssfeer – Postgirodiensten – Daarvan uitgesloten – Bevoegdheid van lidstaten om deze diensten te regelen
(Richtlijn 97/67 van het Europees Parlement en de Raad)
1. Artikel 7 van richtlijn 97/67 betreffende gemeenschappelijke regels voor de ontwikkeling van de interne markt voor postdiensten in de Gemeenschap en de verbetering van de kwaliteit van de dienst, waarin de verschillende diensten worden omschreven die al dan niet kunnen worden voorbehouden aan de leveranciers van de universele dienst, gelezen in samenhang met punt 21 van de considerans van deze richtlijn, dient aldus te worden uitgelegd dat het niet toestaat dat aan zelfbezorging, die de lidstaten niet mogen voorbehouden aan de leveranciers van de universele dienst, en die in dat punt van de considerans wordt omschreven als „het verzorgen van postdiensten door een natuurlijke of een rechtspersoon van wie de poststukken uitgaan of het verzorgen van de ophaling en de verzending van deze stukken door een derde die uitsluitend namens deze persoon handelt”, de volgende aanvullende voorwaarden worden verbonden
– de ontvanger dient dezelfde persoon te zijn als de afzender,
– de diensten aan derden mogen niet worden verricht in het kader van de handels- of ondernemingsactiviteit van de dienstverrichter,
– de diensten mogen niet worden verricht via interne koeriersdiensten of met andere, soortgelijke middelen, en
– dergelijke verrichtingen mogen de diensten die aan de leverancier van de universele dienst zijn voorbehouden, niet verstoren.
Indien het de lidstaten vrijstond, aan het begrip zelfbezorging aanvullende voorwaarden te verbinden en aldus de erdoor gedekte situaties te beperken, zouden zij immers naar eigen goeddunken de aan de leveranciers van de universele dienst voorbehouden diensten kunnen uitbreiden, hetgeen zou indruisen tegen de doelstelling van de richtlijn.
(cf. punten 21, 23‑26, dictum 1)
2. De postgirodiensten, waarbij via het openbare postnetwerk betalingen aan natuurlijke of rechtspersonen voor rekening en in opdracht van andere personen worden verricht, vallen niet binnen de werkingssfeer van richtlijn 97/67 betreffende gemeenschappelijke regels voor de ontwikkeling van de interne markt voor postdiensten in de Gemeenschap en de verbetering van de kwaliteit van de dienst.
Dat artikel 7 van deze richtlijn, waarin de verschillende diensten worden omschreven die al dan niet kunnen worden voorbehouden aan de leveranciers van de universele dienst, de postgiro niet vermeldt als één van de diensten die kunnen worden voorbehouden aan de leveranciers van de universele dienst, is bijgevolg niet doorslaggevend en de lidstaten blijven dan ook vrij, de eventueel door de leveranciers van de universele postdienst verzorgde financiële diensten te regelen.
(cf. punten 21, 33‑34, dictum 2)
ARREST VAN HET HOF (Vijfde kamer) 11 maart 2004(1)
„Postdiensten – Richtlijn 97/67/EG – Diensten voorbehouden aan leveranciers van universele postdienst – Begrip zelfbezorging – Postgiro daaronder begrepen”
en
HET HOF VAN JUSTITIE (Vijfde kamer),,
gelet op de schriftelijke opmerkingen ingediend door:
gehoord de mondelinge opmerkingen van Asociación Profesional de Empresas de Reparto y Manipulado de Correspondencia (Asempre), vertegenwoordigd door J. M. Piqueras Ruiz, abogado; de Spaanse regering, vertegenwoordigd door N. Díaz Abad als gemachtigde, en de Commissie, vertegenwoordigd door K. Simonsson en J. L. Buendía Sierra als gemachtigde, ter terechtzitting van 26 juni 2003,
gehoord de conclusie van de advocaat-generaal ter terechtzitting van23 oktober 2003,
het navolgende
HET HOF VAN JUSTITIE (Vijfde kamer),
Jann Timmermans von Bahr
De griffier De president
R. Grass V. Skouris
1 – Procestaal: Spaans.