HvJ EU 4 december 2003, C-92/02, ECLI:EU:C:2003:652

De uitspraak op EUR-Lex

Tekst

«Sociale zekerheid – Nationale regeling inzake werkloosheidsuitkeringen volgens welke deze niet kunnen worden gecumuleerd met bepaalde inkomsten – Werkloosheidsuitkering van voormalige tijdelijk functionarissen van Europese Gemeenschappen – Vrij verkeer van werknemers – Nationale regeling inzake werkloosheidsverzekering – Kwalificatie postdoctorale activiteit – Activiteit van stagiair-beursstudent – Andere kwalificatie in andere lidstaten van EER – Discriminatie»

Conclusie van advocaat-generaal S. Alber van 6 maart 2002 I - 0000

Arrest van het Hof (Vijfde kamer) van 4 december 2003 I - 0000

Samenvatting van het arrest

1.. Ambtenaren – Regeling andere personeelsleden – Rechtskarakter – Verordening – Verplichtingen van lidstaten – Eerbiediging van aanvullend karakter van communautaire regeling inzake werkloosheidsuitkeringen – Voormalig tijdelijk functionaris die in aanmerking komt voor communautaire werkloosheidsuitkeringen – Toepassing van nationale anticumulatiebepaling (Art. 249, tweede alinea, EG; Regeling andere personeelsleden, art. 28 bis, lid 1, tweede alinea; verordening nr. 259/68 van de Raad)

2.. Vrij verkeer van personen – Werknemers – Gelijke behandeling – Verschillen tussen lidstaten voortvloeiend uit verschillen tussen nationale wettelijke socialezekerheidsregelingen – Toelaatbaarheid – Voorwaarden – Persoon die postdoctorale activiteit uitoefent – Persoon die wordt aangemerkt als stagiair-beursstudent en geen toegang heeft tot nationale regeling inzake werkloosheidsverzekering – Toelaatbaarheid (Art. 39, lid 2, EG; verordening nr. 1612/68 van de Raad, art. 7, lid 4)

ARREST VAN HET HOF (Vijfde kamer) 4 december 2003 (1)

„Sociale zekerheid – Nationale regeling inzake werkloosheidsuitkeringen volgens welke deze niet kunnen worden gecumuleerd met bepaalde inkomsten – Werkloosheidsuitkering van voormalige tijdelijk functionarissen van Europese Gemeenschappen – Vrij verkeer van werknemers – Nationale regeling inzake werkloosheidsverzekering – Kwalificatie van postdoctorale activiteit – Activiteit van stagiair-beursstudent – Andere kwalificatie in andere lidstaten van EER – Discriminatie”

en

HET HOF VAN JUSTITIE (Vijfde kamer),,

gelet op de schriftelijke opmerkingen ingediend door de Commissie van de Europese Gemeenschappen, vertegenwoordigd door D. Martin als gemachtigde,

gezien het rapport van de rechter-rapporteur,

gehoord de conclusie van de advocaat-generaal ter terechtzitting van 6 maart 2003,

het navolgende

HET HOF VAN JUSTITIE (Vijfde kamer),

Timmermans Edward La Pergola

De griffier De president

R. Grass V. Skouris

1 – Procestaal: Nederlands.

Aangehaald in