HvJ EU 30 september 2003, C-239/01, ECLI:EU:C:2003:514

De uitspraak op EUR-Lex

Tekst

«Landbouw – EOGFL – Gedeeltelijke nietigverklaring van verordening (EG) nr. 690/2001 – Bijzondere marktondersteuningsmaatregelen in rundvleessector – Uitvoeringsverordening van Commissie die voorziet in verplichte medefinanciering door lidstaten»

Conclusie van advocaat-generaal J. Mischo van 3 juni 2003 I - 0000

Arrest van het Hof (voltallige zitting) van 30 september 2003 I - 0000

Samenvatting van het arrest

1.. Beroep tot nietigverklaring – Voorwerp – Gedeeltelijke nietigverklaring – Voorwaarde – Scheidbaarheid van omstreden bepalingen – Objectief criterium (Art. 230 EG)

2.. Landbouw – Gemeenschappelijke ordening der markten – Rundvlees – Bijzondere ondersteuningsmaatregelen – Artikel 5, lid 5, van verordening nr. 690/2001 – Verplichte medefinanciering door lidstaten – Onwettigheid (Verordening nr. 690/2001 van de Commissie, art. 5, lid 5)

ARREST VAN HET HOF 30 september 2003 (1)

„Landbouw – EOGFL – Gedeeltelijke nietigverklaring van verordening (EG) nr. 690/2001 – Bijzondere marktondersteuningsmaatregelen in rundvleessector – Uitvoeringsverordening van Commissie die voorziet in verplichte medefinanciering door lidstaten”

verzoekster,

interveniënt,

tegen

verweerster,

HET HOF VAN JUSTITIE (voltallige zitting),,

gezien het rapport ter terechtzitting,

gehoord de conclusie van de advocaat-generaal ter terechtzitting van 3 juni 2003,

het navolgende

HET HOF VAN JUSTITIE (voltallige zitting),

Rodríguez Iglesias Puissochet Wathelet

Schintgen Timmermans Gulmann

Edward La Pergola Jann

Skouris Macken Colneric

von Bahr

De griffier De president

R. Grass G. C. Rodríguez Iglesias

1 – Procestaal: Duits.

Aangehaald in