HvJ EU 19 juni 2003, C-315/01, ECLI:EU:C:2003:360
Tekst
«Overheidsopdrachten – Richtlijn 89/665/EEG – Beroepsprocedures inzake plaatsen van overheidsopdrachten – Bevoegdheid van voor beroepsprocedures verantwoordelijke instantie om ambtshalve elke schending te onderzoeken – Richtlijn 93/36/EEG – Procedures voor plaatsen van overheidsopdrachten voor leveringen – Geschiktheidscriteria – Gunningscriteria»
Conclusie van advocaat-generaal L. A. Geelhoed van 10 oktober 2002 I - 0000
Arrest van het Hof (Zesde kamer) van 19 juni 2003 I - 0000
Samenvatting van het arrest
1.. Harmonisatie van wetgevingen – Beroepsprocedures inzake plaatsen van overheidsopdrachten voor leveringen en voor uitvoering van werken – Richtlijn 89/665 – Bevoegdheid van voor beroepsprocedures verantwoordelijke instantie om ambtshalve elke onwettigheid van besluit tot gunning van opdracht te onderzoeken – Toelaatbaarheid – Bevoegdheid om beroep op grond van deze ambtshalve vastgestelde onwettigheid te verwerpen – Daarvan uitgesloten (Richtlijn 89/665 van de Raad)
2.. Harmonisatie van wetgevingen – Procedures voor plaatsen van overheidsopdrachten voor leveringen – Richtlijn 93/36 – Gunning van opdrachten – Gunningscriteria – Inaanmerkingneming van lijst van voornaamste voorafgaande leveringen – Ontoelaatbaarheid (Richtlijn 93/36 van de Raad, art. 23, lid 1, en 26, lid 1)
3.. Harmonisatie van wetgevingen – Procedures voor plaatsen van overheidsopdrachten voor leveringen – Richtlijn 93/36 – Gunning van opdrachten – Gunningscriteria – Vereiste dat aanbestedende dienst aangeboden product binnen straal van bepaald aantal kilometers kan bezichtigen – Ontoelaatbaarheid (Richtlijn 93/36 van de Raad, art. 23, lid 1, en 26, lid 1)
ARREST VAN HET HOF (Zesde kamer) 19 juni 2003 (1)
„Overheidsopdrachten – Richtlijn 89/665/EEG – Beroepsprocedures inzake plaatsen van overheidsopdrachten – Bevoegdheid van voor beroepsprocedures verantwoordelijke instantie om ambtshalve eender welke schending te onderzoeken – Richtlijn 93/36/EEG – Procedures voor plaatsen van overheidsopdrachten voor leveringen – Geschiktheidscriteria – Gunningscriteria”
en
HET HOF VAN JUSTITIE (Zesde kamer),,
gelet op de schriftelijke opmerkingen ingediend door:
gezien het rapport van de rechter-rapporteur,
gehoord de conclusie van de advocaat-generaal ter terechtzitting van 10 oktober 2002,
het navolgende
HET HOF VAN JUSTITIE (Zesde kamer),
Puissochet Schintgen Skouris
Macken Cunha Rodrigues
De griffier De president van de Zesde kamer
R. Grass J.-P. Puissochet
1 – Procestaal: Duits.